|
België in Wereldoorlog I
1914 De Duitse opmars tot staan gebracht
1 augustus
Het luiden van de klok van de St Niklaastoren kondigt de Belgische
mobilisatie aan.
4 augustus
Duitsland verklaart België de oorlog. Duitse troepen overschrijden de
grens.
12 augustus
Belgische legereenheden brengen de Duitse cavalerie even tot staan; een
Duitse tegenslag in de geschiedenisboekjes opgehemeld als de Slag der
Zilveren Helmen.
September – oktober
Het Belgisch leger trekt zich al vechtend terug tot aan de IJzer
18 oktober – 31 oktober
Slag aan de IJzer. De Duitse opmars tot staan gebracht, mede door
de onderwaterzetting van de IJzervlakte tussen de stroom en de spoorweg
Diksmuide – Nieuwpoort. Het Duitse leger behoudt op de linkeroever van de
IJzer een bruggenhoofd van versterkte hoeven in de buurt van
Stuivekenskerke. Het Belgisch leger behoudt een bruggenhoofd op de
rechteroever van de stroom rond het sluizencomplex van Nieuwpoort.
In het college wordt een door Engelsen geleid Belgian Field Hospital
gestart, met een internationale personeelsbezetting.
10 november
Het bruggenhoofd van de stad Diksmuide wordt door de Duitsers ingenomen.
Diksmuide wordt verdedigd door de Franse marinefusilliers van admiraal
Ronarch, door Senegalese Franse koloniale troepen en door afdelingen van
het Belgische 1ste linieregiment. Gewonden worden afgevoerd,
o.a. naar het ziekenhuis in het college. Diksmuide moet opgegeven worden.
In de namiddag wordt de brug over de IJzer opgeblazen. De Belgische en
Franse artillerie geeft Diksmuide en zijn veroveraars de volle laag. De
stad is nog één hoop ruines en granaatputten.
November 1915 – september 1918.
- Stellingenoorlog aan het IJzerfront
De Westhoek blijft het enige stuk onbezet België. Vanuit De Panne leidt
koning Albert het Belgische leger. De Belgische regering verblijft te Le
Havre in Normandië.
Het Belgisch leger verdedigt een frontlijn met een wisselende lengte van
ca 60km: van de IJzermonding, rond het Nieuwpoortse sluizencomplex, langs
de spoorweg Nieuwpoort-Kaaskerke, langs de IJzer vanaf de Dodengang tot
voorbij Diksmuide, vanaf Fort Knocke, samenloop van IJzer en
Ieperlee, langs het Ieperleekanaal tot voor Ieper. Het Engels leger
verdedigt een front in een wijde boog rond Ieper (salient) tot aan de
Franse grens.
1915 is een dodelijk jaar.
De steden Veurne en De Panne worden vanuit Duitste stellingen regelmatig
beschoten of door vliegtuigen met bommen bestookt.
Eind januari zijn de beschietingen van Veurne zo erg geworden dat het
personeel van het Engels krijgshospitaal in het college besluit om het
hospitaal te verhuizen naar veiliger oorden. Als nieuwe vestigingsplaats
wordt De Clep uitgekozen, een voormalig rustoord voor ouderlingen langs de
baan Veurne - Ieper te Hoogstade.
Het hele stelsel van loopgraven, borstweringen en verdedigingsstellingen
moet nog worden aangelegd. Dag en nacht moeten de soldaten hieraan werken
onder voortdurend vijandelijk vuur. Vooral de sector van de Dodengang en
van Diksmuide zijn berucht omdat de vijanden er zo dicht bij elkaar
liggen.
Op 22 april 1915 lanceren de Duitsers de eerste gasaanval op Steenstraat
langs de Ieperlee. Franse en Belgische troepen verhinderen een Duitse
doorbraak.
7 mei 1915
Het Amerikaanse schip de Lusitania wordt gekelderd door Duitse duikboten.
De vrouw van Dr. Depage uit l’Océan te De Panne is aan boord en komt om.
In juni en september verovert het Belgische leger 4 vooruitgeschoven
posten op de rechteroever van de IJzer stroomopwaarts van de Dodengang.
1916 en 1917
Grote gevechten met honderden duizenden doden vinden vooral elders plaats,
in de Engelse sector van Ieper en in Frankrijk aan de Somme en bij Verdun.
Koning Albert weigert het Belgische leger in te zetten bij grootscheepse
acties.
In de sector Steenstraat kan het Franse leger eind 1917 de frontlijn
enkele km opschuiven over het Ieperleekanaal, richting Merkem. De Duitse
luchtmacht bombardeert regelmatig stellingen achter het front.
9 december 1917
Woelige betoging van flamingantische soldaten in De Panne.
22 december
De Raad van Vlaanderen in bezet België roept de zelfstandigheid van
Vlaanderen uit.
1918
Eind 1917 verdwijnt Rusland uit de oorlog door de Communistische
revolutie. Nu menen de Duitse legers de handen vrij te hebben voor een
uiteindelijke doorbraak aan het Westers front. De aanval op
Belgisch-Engels front bij Merkem en rond Ieper in het voorjaar 1918
mislukt evenwel.
Dank zij de intrede van de VSA in de oorlog zullen de geallieerden in het
najaar van 1918 voldoende wapens en manschappen kunnen inzetten voor een
bevrijdend eindoffensief.
17 april 1918 Slag bij Merkem
De Belgische artillerie doet schitterend werk. De Duitse artillerie doet
veel minder salvo’s maar precies.
31 augustus 1918
Dood van Joe English, Brugs kunstenaar van Ierse afkomst. Was eerst
soldaat en verbleef sinds 1916 op een kamer in het college van Veurne,
waar hij kon tekenen en schilderen. Hij ontwierp o.m. het grafzerk voor de
flamingantische soldaten, gebaseerd op Ierse Keltische kruisen, met de
leuze AVV-VVK.
September – november 1918 : bevrijdend eindoffensief
Op 28 september 1918 start vanaf Merkem tot aan de Franse grens en
verder het grote geallieerde eindoffensief waaraan Engelse, Fransen en
Belgische troepen deelnemen.
Het grootste deel van West- en Oost-Vlaanderen zijn door de geallieerde
legers bevrijd als op 11 november 1918 de wapenstilstand wordt
afgekondigd.
14 oktober 1918
Aanvang tweede fase eindoffensief
8 november 1918
Eerste onderhandelingen over een wapenstilstand
11 november 1918
De wapenstilstand wordt om 11 van kracht.
Verklaring van Loppem
Koning Albert I belooft het Algemeen Enkelvoudig Stemrecht.
|
24
Gesneuvelden
1914
De volgende oud-leerlingen worden gemobiliseerd.
Karel Desaever, 27 jaar, gehuwd en vader van een zoon ...Albert.
Zijn vrouw is vier maanden zwanger van een tweede.
Omer de Grave,
25 jaar, Amedée Heroes, 19 jaar, beroepsvrijwilliger en reeds
sergeant, Emile Torney, 24 jaar, Germain Loncke, 21 jaar,
Gaston Slove, 24 jaar, Joris Becue, 22 jaar, Lucien
Flyps, neef van Lucienne Flyps, weduwe van jonker Mergelynck en
kasteelvrouwe van Beauvoorde, in 1911 uit het Veurnse college “met pauken
vertrokken was naar den troep”. Tenslottte Daniël Lucidarme, 17
jaar en beroepsvrijwilliger sinds 1913.
12 augustus
Lucien Flyps wordt zwaargewond in de slag bij Halen.
19 augustus
Op de weg Tienen-Leuven wordt Daniël Lucidarme rond 19u dodelijk
verwond.
20 augustus
Daniël Lucidarme overlijdt in Leuven. “Il est mort en brave”. Hij zal
later postuum de korporaalstitel krijgen.
8 september
Lucien Flyps
verlaat het hospitaal.
24 september
Sylvain Ryckeboer
en Joseph Desaever, jongste broer van Karel Desaever, 20 jaar
geworden, worden ingelijfd als dienstplichtigen.
4 oktober
Karel Desaever
wordt verwond door een vijandelijke kogel te Onze Lieve Vrouw Waver.
20 oktober
“Het college herschapen, een bonte wemeling van blanke nursen en
gestrenge engelsche dokters. In eet- en studiezaal werden de ongelukkige
verminkten van de Yzer in lange rijen neergelegd, Belgen, Franschen,
Duitsers neveneen; heelkundigen werkten dag en nacht in het lokaal van de
6de latijnsche klas; de lagere afdeling werd ingenomen door
snorrende auto’s en guitige drijvers.”
22 oktober
Duitsers dwarsen de IJzer stroomopwaarts van Tervatebrug. Sergeant
Amedée Heroes sneuvelt bij Tervatebrug. Hij wordt enige tijd later ter
plaatse begraven.
24 oktober
Joris Becue raakt gewond in de omgeving van de hoeve Het
Berkelhof. Hij wordt afgevoerd naar het krijgsgasthuis Rozendael bij
Duinkerke, niet naar het college.
26 oktober
Joris Becue sterft in Duinkerke. De volgende dag wordt hij
begraven als Georges Begne.
Rond 26 oktober
Gaston Slove vermist. Later wordt als sterfdatum 31 oktober
opgegeven. Geen begraafplaats bekend.
10 november
Omer de Grave sneuvelt in Diksmuide. Het lichaam van Omer de
Grave wordt niet teruggevonden.
30 november 1914
Soldaat Emile Torney, 3de linie ontbreekt op het appèl.
16 december
Emile Torney wordt door de krijgsraad wegens desertie
veroordeeld tot inlijving voor drie jaar in een strafcompagnie. De
uitvoering van de straf wordt evenwel overeenkomstig een koninklijke
beslissing uitgesteld tot aan het einde van de veldtocht.
1915
12 januari 1915
Leontine Van Helle, vrouw van Karel Desaever, bevalt in Frankrijk
van een dochter, Georgette, een broertje voor Albert.
23 januari 1915
Veurne voor de zoveelste maal beschoten met zwaar geschut. Joris
Bailleul, 12 jaar, leerling van het college, komt op de grote markt om
het leven. Roosje Vecht, verpleegster van Nederlandse
nationaliteit, werkend in het Belgian Field Hospital in het college, komt
hierbij ook om het leven.
5 mei 1915
Sector Steenstraat. Emile Torney verdrinkt rond het middaguur bij
het terugkeren uit de loopgrachten in Reninge. Hij wordt te Veurne
begraven.
30 juni 1915
Soldaat Germain Loncke uit Izenberge wordt gewond in de nacht van
30 juni/1juli,op de voorposten, Noordelijke Sector Diksmuide. Overlijdt
tijdens transport in een ambulancekolonne. Wordt begraven te Kaaskerke.
26 september
Grenadier Sylvain Ryckeboer gewond in de sector Diksmuide door een
kogel in de rug.
29 september
Sylvain Ryckeboer overlijdt in het krijgsgasthuis De Clep te
Hoogstade.
11 december
De Belgische munitiefabriek in Graville bij Le Havre ontploft. Joseph
Sobry, broer van Maurice, is één van de 130 dodelijke slachtoffers.
25 maart 1916
Karel Rathé, novice-scheutist, wordt actief bij de
Ambulancecolonne van de 6de legerdivisie.
5 mei 1916
Pieter Timmerman, opgeroepen in 1915, wordt gedood in een dagenlang
durende zware beschieting van de frontsector ten zuiden van de Hoge Brug
te Diksmuide. Joseph Desaever, broer van Karel, krijgt op dezelfde
dag nog maar eens 8 dagen cachot wegens onwettige afwezigheid.
7 mei
Aalmoezenier Jozef Pauwels noteert in zijn dagboek: “zieldienst” voor
Timmerman Pierre
17 september 1917
Lucien Flyps
is, sinds zijn verwondingen te Halen 1914, actief in het legerdepot
van zijn divisie, o.a. bij
de Compagnie der Badinrichtingen. Hij wordt zwaar verwond door een
vliegtuigbom aan de brug van Oeren en gehospitaliseerd te Hoogstade.
9 oktober 1917
Lucien Flyps overlijdt in het ziekenhuis van Hoogstade aan de
verwondingen opgelopen 17 september.
1918
18 januari 1918
Hoofdaalmoezenier Marinis roept de aalmoezeniers van de 6de
legerdivisie samen en protesteert om diverse redenen tegen "le mouvement
flamand" in het leger.
6 februari 1918
Scheutist-aalmoezenier Jan Potti vreest dat sommige confraters-scheutisten
toch zouden doorgaan met hun Vlaams engagement. Karel Rathé bv, een
novice-brancardier uit zijn regiment, die al eens berispt was en beloofd
had geen pamfletten meer uit te delen, was toch herbegonnen.
18 maart 1918
Sector Nieuwpoort. Zware gevechten bij Nieuwendamme.Leo
Baelden komt om door obusscherven aan het hoofd. Die dag
zijn er 230 Belgische gesneuvelden bij een Duitse afleidingsaanval.
2 april 1918
Karel Desaever is na 44 maanden frontdienst overgeplaatst naar
een spoorwegbataljon. Nu hij te Veurne kon verblijven, kon hij, in
tegenstelling tot andere soldaten, naar huis in de Ieperse Steenweg. Toch
slaat ook daar het noodlot toe. Een Duitse vlieger gooit rond 19u een
bom op Veurne. Karel is op slag dood. Zijn vader wordt gewond. Karel wordt
twee dagen later in Bulskamp begraven.
17 april
1918
De 69ste batterij van Maurice Sobry wordt getroffen. Er
zijn twee doden en minstens vier gewonden. Maurice Sobry wordt weggevoerd
naar het hospitaal van Beveren aan de IJzer.
19 april 1918
Maurice Sobry overlijdt in het hospitaal te Beveren om 17.30u.
24 september 1918
Het Belgisch leger bereidt zich voor voor het eindoffensief. Joseph
Desaever, broer van Karel,
sneuvelt voor Ieper (St. Jan?), tijdens een onverwachte Duitse actie. Zijn
stoffelijk overschot is nooit geïdentificeerd en zijn eventuele graf is
onbekend.
28 september 1918
Begin van het bevrijdingsoffensief in Vlaanderen.
Arthur Ternier,
opgeroepen in 1916,
wordt in de beginuren gewond bij De Kippe (Merkem) en afgevoerd.
Gestorven tijdens evacuatie.
Pamphile Bailleul, 36 jaar en vrijgezel, voor de oorlog vrijgesteld
van legerdienst, opgeroepen door de speciale wet van 1916, sneuvelt bij
Passendale.
30 september 1918
Julien Vanleke wordt gehospitaliseerd in het militair ziekenhuis
van Calais, Porte de Gravelines.
2 oktober 1918
Karel Rathé,
brancardier,
sneuvelt bij Moorslede tijdens het eindoffensief.
3 oktober 1918
07.30 Julien Vanleke sterft in het militair hospitaal van Calais
aan de gevolgen van "grieperige bronchopneumonie" (Spaanse Griep).
18 oktober 1918
Gaston Pattou,
als laatste van onze leerlingen opgeroepen in 1917,
sneuvelt te Ruddervoorde op de dag dat de Duitsers de gemeente ontruimen
en de kerk laten springen. Waarschijnlijk kreeg zijn batterij zware
artillerie een voltreffer. Volgens een familiale overlevering werd zijn
groep getroffen toen een Duits vliegtuig een bom liet vallen tijdens het
ronddelen van de post.
22 oktober 1918
André Dobbelaere, onder de wapens sinds 1916, sneuvelt bij Hansbeke
bij acties rond het afwateringskanaal van de Leie. Obusscherven
doorboorden zijn hart. Hij stierf ter plaatse en werd voorlopig begraven
te Bellem.
1 november 1918 - Allerheiligen
Séraphin Debandt,
23ste linie, wordt gewond bij
Zomergem en overgebracht naar een hospitaal in Brugge.
2 november 1918 - Allerzielen
Séraphin Debandt overlijdt aan de gevolgen van zijn verwondingen om
15.30u. in het ziekenhuis van Brugge.
4 november 1918
Slag bij Zwijnaarde. Jérôme Demolder, 36 jaar en eveneens
opgeroepen als vrijgezel door de wet van 1916, raakt gewond aan de
knie. Hij wordt overgebracht naar het Rode Kruishospitaal l’Océan in De
Panne.
6 november 1918
Séraphin Debandt
wordt begraven te Steenbrugge bij Brugge. Later zal
zijn graf overgeplaatst worden naar Steenkerke.
20 november 1918
Jérôme Demolder overlijdt in het hospitaal l’Océan in De Panne aan
zijn verwondingen, bij gebrek aan een tetanos-vaccin. Zijn jongste broer,
die dokter was, kon hem niet helpen.
|